Natuur · Kampina

Kampina, de wildere buur

Waar de Bossen en Vennen ophouden, begint Kampina: natte hei, hoogveen, blauwgraslanden en vrij rondtrekkende Galloways die het landschap open houden.

Een andere soort Brabants natuur

De meeste bezoekers van Oisterwijk komen niet verder dan de Bossen en Vennen. Ze missen daarmee de helft. Ten oosten van het dorp, waar de bomen uitdunnen en de grond natter wordt, ligt Kampina — een apart gebied, ook beheerd door Natuurmonumenten, met een totaal ander karakter.

Waar de Bossen en Vennen besloten en intiem is, is Kampina open en wijd. Waar de vennen formele meertjes zijn omzoomd door den, heeft Kampina verspreide veenpoelen in een zee van struikheide en pollen. Het licht is hier groter. De horizonten zijn langer.

Wat het is

Kampina is een van de grootste overgebleven heidegebieden in zuid-Nederland — ongeveer 1.200 hectare natte en droge hei, met loofbosvlekken, hooilanden en de bovenloop van de Beerze. Het grootste deel is natte heide: dophei domineert, veenpluis vormt witte plukken op de natste plekken, zonnedauw waar de turf wordt blootgelegd.

Het gebied wordt begraasd door een kudde Schotse Hooglanders en Galloways, wier taak is de grasgroei kort te houden en opslag van struiken te bestrijden voordat de hei wordt overwoekerd. Goedaardig als je ze met rust laat. Geef ze ruimte, vooral rondom kalveren.

"Bossen en Vennen voelt als een kathedraal. Kampina voelt als de hemel."

Wandelen en fietsen

Kampina heeft eigen gemarkeerde routes — kleurcoderingen zoals in de rest van het systeem — en verschillende startpunten aan de noord- en westrand. Vanuit Oisterwijk bereik je de westrand in ongeveer een half uur te voet, in een kwartier op de fiets; veel lokale wandelaars knopen een Kampina-rondje aan de 14-Vennenroute voor een hele dag.

Fietsers kunnen een lange perimeter rijden, maar het binnenland is grotendeels voor wandelaars. Sommige van de mooiste stukken zijn de loopplanken over de nattere bog, waar de hei onder de voet mossig wordt en de beenbreek bloeit in de nazomer.

Waar je naar moet kijken

  • Vee — Hooglanders en Galloways, vrij rondtrekkend. Kalm, groot, laat ze met rust.
  • Heideflora — paars in augustus, koper in oktober, groen in lente.
  • Edelhert en ree — vaak zichtbaarder dan in het bos.
  • Adders en hagedissen — zandhagedissen op zuidkanten in voorjaar.
  • Open-land vogels — roodborsttapuit, boomleeuwerik, boompieper, nachtzwaluw in de schemering.
  • De Beerze — helder, zandbodem, ijsvogels langs de loop.

Wanneer komen

Elk seizoen transformeert Kampina dramatischer dan het bos. Augustus verandert de hei in een paars laken dat je moet zien om te geloven. Oktober brengt scherp laag licht en brullende stieren. April en mei zijn voor de bosranden en hooilanden. Winter is kaal op zijn best — bleke grassen, bevroren bog.

Kampina combineren met Oisterwijk

De twee gebieden vullen elkaar zo goed aan dat je eigenlijk pas Oisterwijks natuur hebt gezien als je in Kampina bent geweest. Een mooi plan voor een hele dag: parkeer bij Groot Speijck, loop de zuidelijke helft van de 14-Vennenroute tot je oostelijk Kampina inkomt, doe een lus over de hei en kom terug door het bos. Ongeveer achttien kilometer.

Vee-etiquette. Niet benaderen, niet aaien, niet tussen koe en kalf. Ze zijn aan wandelaars gewend en negeren je meestal als je hetzelfde doet.

Praktisch

Verschillende parkeerplekken rond het gebied. De handigste voor een Oisterwijkse dag is de westelijke rand bij Heukelom. Honden aan de lijn. Gratis, jaarrond open, en op plekken waar de hei zelf het pad is: kaart mee.

Kaart

Ligging

  • Kampina centrum
    Open hei, veenpoelen, vee.
  • Heukelom-rand
    Korste benadering vanuit Oisterwijk.
  • Groot Speijck
    Vertrek voor link-wandeling.

De helft van Oisterwijks natuur die bezoekers missen

Loop oostwaarts. De bomen openen. De hemel neemt het over.